Gepubliceerd op 23.10.2019 | Michiel Dehaene, Géry Leloutre

Op 6 oktober is Jean Remy op 90-jarige leeftijd overleden. Jean Remy was een pionier van de stadssociologie die in zijn loopbaan systematisch het gesprek op zocht met architecten en ruimtelijke planners. Hij behoort tot een generatie academici die de rol van publiek intellectueel, excellent onderzoeker en professioneel adviseur met verve combineerde. Zijn boeken leggen getuigenis af van authentiek intellectueel denkwerk, gevoed door directe reflectie op de veranderende samenleving waar hij deel van was.

Voor ons beide was de stem van Jean Remy die van een vorige generatie, een die we eerder toevallig ontdekten, maar een stem die op zeer lucide wijze over de stad sprak. In een tijd waar de Franstalige sociologie werd gedomineerd door de schema’s van een militante marxistisch geïnspireerde stadsociologie,  schreef Rémy met groot gevoel voor nuance over de stad als ruimtelijk en sociaal gedifferentieerde context. Voor ons als architect stedenbouwkundigen, ligt hij aan de basis van een definitie van verstedelijking die zich losmaakt van een puur morfologische benadering. Verstedelijking is gestoeld op de veralgemeende mobiliteit die bezit neemt van het dagelijks leven, en voor een scheiding zorgt van de woonplaats en de werkplek maar ook voor een verzelfstandiging van het sociaal handelen en een verhoogde keuzevrijheid. Deze originele, niet deterministische benadering, opgebouwd vanuit een langdurige en fijne studie van de sterk gefragmenteerde stedelijke agglomeratie rond Charleroi in de vroege jaren 60, leidde Remy ertoe om de verstedelijking te benoemen als een effect van externe economieën, waarin een maatschappelijke ondeelbare meerwaarde wordt opgebouwd, die zich eerst en vooral als een surplus aan betekenis voor de bewoners van die agglomeratie laat kennen. Hij zou dit eerste inzicht verder uitwerken in de vorm van een zich steeds verder ontwikkelend interpretatief kader dat de stad leest als een omgeving waarin verschil, tussen publiek en privaat, tussen primaire en secondaire ruimte, sterk en zwak gelegitimeerde ruimtes vorm geeft aan de stad als een keuze ecologie. Voorwerp van zowel keuze als het gebrek daaraan: choix et non-choix.

Met Lianne Voyé, studiegenoot van het eerste uur, was Remy ook een begenadigd interpretator van de Belgische verstedelijking. Hij was een pionier van een stadssociologie die niet bij de stad maar bij de verstedelijking als proces vertrok, en zag scherp hoe sinds de tweede wereldoorlog de verstedelijking zich steeds meer zou manifesteren als eigenstandig proces, los van processen als industrialisering en rationalisering die mee de modernisering van de samenleving structureerden. Deze benadering liet hen toe om te ontsnappen aan de dominante dichotomie tussen stad en land. Hun werk liet zien dat de structurereing van de tijd/ruimte in de stad van vroeger sterker verschilt van de hedendaagse stad, dan de hedendaagse stad van het ommeland verschilt. De historische niet verstedelijkte stad wordt afgezet tegen de hedendaagse verstedelijkte stad en vind aansluiting bij de verstedelijkende rurale ruimte.

Een mooie getuige van de samenwerking met architecten verscheen in A+ in 1974. In een dubbel artikel brengen Remy en Voyé het verslag van hun bijdrage als stadssociologen aan de planning van Louvain-la-Neuve. Deze bijdrage is tekenend voor hun omgang met de relatie tussen het ruimtelijke en het sociale. Remy en Voyé gaan op de meest ontspannen manier om met de sociale programmatie van een gedetailleerde architectuur die voor Louvain-la-Neuve reeds door architecten was vastgelegd. Ze beschrijven verschillende gebruiksscenario’s die doorheen de tijd door deze architectuur zouden moeten kunnen worden opgenomen en bedenken hoe verschillende programma’s best zouden worden ingepast om zo specifieke sociaal-ruimtelijke milieus te maken die zo voor de juiste setting en atmosfeer zouden kunnen zorgen. Later, zal dit Remy leiden tot bespiegelingen over de integratie van de universiteitsstad in de Belgische stedelijke constellatie in de vorm van een driepool samen met Ottignies en Waver, waarmee hij andermaal blijk gaf van zijn vermogen om het stedelijk feit te definiëren voorbij zijn traditionele ruimtelijke vormen.

Nu aan het begin van de twintigste eeuw de stedenbouwkundigen en architecten zich het hoofd breken over hoe we op de erfenis van de verspreidde verstedelijking een nieuwe samenleving bouwen die het koolstof tijdperk achter zich laat, blijft de vrije manier van denken waarmee Remy ons naar verstedelijking laat kijken het lezen waard. Wij zijn dankbaar voor zijn leven en werk.

Ontdek hier zijn getuigenis over de stad Louvain-la-Neuve, gepubliceerd in A+12 in 1974.

Lees ook