Gepubliceerd op 07.04.2020 | Tekst: Carla Frick-Cloupet

Na tien jaar heeft het centrum voor sport en watersport in Péronnes-lez-Antoing eindelijk de wind in de zeilen. In 2009 wonnen AgwA en Artgineering de wedstrijd voor een nieuwbouw, maar door een gebrek aan budget lag de realisatie ervan even stil. Vanaf het begin leek elke fase van het project een andere logica te volgen. Het duurde lang om het project te realiseren, maar het resultaat mag er zijn: het gebouw is gelaagd, rijk en complex.

Het relaas van het sport- en watersportcentrum van Péronnes- lez-Antoing is het mooiste bewijs dat een oude volkswijsheid niet klopt: de kortste verhalen zijn niet altijd de beste. Het begon allemaal in 2009, toen agwa en Artgineering de wedstrijd voor een nieuwbouw wonnen. Ondanks snelle studiefasen kwam het project in 2012 abrupt aan zijn einde. Vervolgens stelden zowel de bouwheren als de architecten alles in het werk om de Franse Gemeenschap, die met budgetproblemen kampte, tegemoet te komen. Vijf jaar later slaagden ze erin het project nieuw leven in te blazen door het in drie fasen uit te voeren. Tien jaar na de wedstrijd is de eerste fase gerealiseerd. Het is een verrassend gebouw geworden.

Het gebouw van de eerste fase is opgetrokken uit snelbouwstenen van beton: een onopvallende steen waarmee al gebouwd was op de site. In Belgische architectuur grijpt men vaak terug naar deze conventionele (volgens Robert Venturi) of alledaagse (volgens Geert Bekaert) bouwsteen; alleen wordt het betonblok hier niet bekleed, maar gebruikt voor wat het is, in zijn materiële authenticiteit. Het betonblok is niet alleen een referentie aan de bescheiden architectuur in de omgeving, maar het bepaalt ook de vorm, de structuur en de gevel van het project. Door betonblokken te stapelen, veranderen de schuine dakpartijen uit de wedstrijd in rechthoekige vormen, en ontstaat er een speels patroon met reliëf en dwarsbalken. Door de betonplaten erachter zijn de blokken vrij van eventuele structurele beperkingen. De gevels bestaan voornamelijk uit brede raamopeningen. De architectuur van het project is uitgewerkt op basis van het materiaal, het betonblok.

Het ontwerp voor de twee andere, latere fasen ontstond uit een ander denkspoor. Het gebouw van de zeilmakerij van fase 2 is eerder ontworpen vanuit zijn programma: voor het herstellen en drogen van boten zijn verschillende hoogten nodig, terwijl de structurele oplossing voor het gerealiseerde programma voor een esthetisch spel van balken en kolommen zorgt. Bij de omgevingsaanleg in fase 3 paste men dan weer bepaalde vormelijke overwegingen toe die verder gaan dan de eerdere ideeën over materiaal, programma of structuur. Op deze complexe site vol tegenstrijdigheden heeft het project een structurerende impact: een rechte lijn loopt vanaf de waterkant over de hele site, buigt langs de bestaande en nieuwe gebouwen en overschrijdt bestaande en onbestaande grenzen. Deze abstracte, geometrische ordening in het masterplan creëert een soort flexibiliteit op de site om voorbereid te zijn op toekomstige bouwprojecten, en om veranderlijke en mogelijk onbegrensde zones af te bakenen.

Elke fase lijkt bijgevolg volgens een ander concept te zijn ontwikkeld. In de eerste fase zette het materiaal de toon en was de drijfveer het vermijden van verraderlijke vormelijke valkuilen, terwijl in de tweede fase het gebruik alles bepaalt. De ambitie van de inplanting en de omgevingsaanleg ten slotte is om zowel orde als flexibiliteit te creëren. Door die diverse basisconcepten krijgt het project in zijn totaliteit een zekere gelaagdheid. Het komt beurtelings tegemoet aan het materiële erfgoed van de site (steen), de rijkdom van het programma (gebruik) en de complexiteit van de site. Zonder daarbij te kiezen voor een radicale aanpak waardoor het project in de richting van formalisme zou afdrijven, en zonder ook de eigen logica van elk ontwerp afzonderlijk te negeren. De vraag rijst dan ook of er een verband is tussen de diversiteit van de ontwerpen op de site en de tijdspanne die het hele project in beslag nam. Zijn de langstlopende projecten uiteindelijk het meest ambigu?

Architect
AgwAArtgineering

Official project name
Péronnes sports and nautical centre

Location
Péronnes-lez-Antoing, Belgium

Total floor area
3.289 m2 (phase 1)

Budget
€ 4,214,438
(excl. VAT and fees) Product / supplier

Product / supplier
Rob (sliding doors)

Programme
Sports and nautical centre. Phase 1 (completed): boarding school (rooms, restaurant, administration, foyer, caretaker’s house). Phase 2 & 3 (in process): sailmaker’s workshop (boat storage, classrooms, cloakrooms, offices, workshops), sports centre (multisport fields, judo courts, table tennis courts, fitness, cloakrooms), 7.5 ha landscape and sports fields (beach volley, tennis courts, basketball fields, soccer fields, pier).

Procedure
Invited competition, 1st prize

Client
Wallonia-Brussels Federation

Landscape architect
Artgineering

Structural engineering
Ney and Partners

Building physics
Boydens engineering

Sustainability
Boydens engineering

Completion
July 2018 (phase 1)

A+281 Silence

Bestel een exemplaar of abonneer u vanaf € 59 / jaar!

Lees ook

Schrijf je in op onze nieuwsbrief