Gepubliceerd op 26.01.2022 | Tekst: Pieter T’Jonck

In 2019 moest je zowat op een andere planeet wonen om niet ergens te lezen dat Walter Gropius het Bauhaus honderd jaar eerder oprichtte in Weimar, en zo een revolutie in het onderwijs van kunst, kunstambacht en architectuur inluidde. Heel wat auteurs plaatsten -tevergeefs- kanttekeningen bij die verdienste. De indrukwekkende studie ‘Avant-Garde as method – Vkhutemas and the Pedagogy of Space 1920-1930’ van Anna Bokov zet echter definitief de puntjes op de i: de revolutie in kunst- en architectuuronderwijs op het oude continent kwam minstens evenzeer uit Moskou als uit Weimar.

Dit kloeke volume is veel dingen tegelijk. Het is in de eerste plaats een geschiedschrijving van de gebeurtenissen die ertoe leidden dat kunstenaars en architecten in de eerste tien jaar van de Russische Revolutie zo’n vooraanstaande rol konden spelen in de propagandamachine van de USSR. Het boek stelt daarbij scherp op de nieuwe pedagogische inzichten die toen ontstonden en toegepast werden in Vkhutemas, acroniem voor ‘Russische Hogere Werkplaats voor Kunst en Techniek’.

U leest het goed: er staat niet ‘Instituut’, maar ‘Werkplaats’, want deze opleiding negeerde de ‘bourgeois’ scheiding tussen zuivere en toegepaste kunsten. Het doel was een integratie van alle kunsten ten dienste van de Revolutie. Een ‘industriële’ aanpak werd zo een vanzelfsprekende zaak. De gelijkenis met de ideologie van het Bauhaus is evident, maar Vkhutemas ging heel wat verder. Dat kwam vooral doordat de leerlingen van de werkplaats gerekruteerd werden uit alle lagen van de bevolking, dus ook onder arbeiders en boeren zonder voorafgaande vorming.

Het inspireerde Nikolay Ladovsky, één van de leidende figuren, tot een nieuwe architectuurtheorie, die niet gebaseerd was op de klassieke ordes maar op ‘objectieve’ parameters en fysische en (waarnemings-)psychologische inzichten. Die inzichten moesten de studenten tijdens een driejarige vooropleiding verwerven door oefeningen in de analyse van ruimte, massa, energie etc. Het is een verhaal op zich, maar de overvloedige illustraties van weinig bekende documenten en maquettes uit de Workshop tonen wel aan dat de vernieuwingsdrang waar de USSR toen blijk van gaf sterk aangewakkerd werd door deze pedagogie. Ook hier stipt Bokov de treffende gelijkenis (en de verschillen) met de beroemde ‘Vorkurs’ van Johannes Itten in het Bauhaus aan. Het boek schrijft zo niet alleen de geschiedenis van Vkhutemas, maar is ook een vergelijkende studie met het Bauhaus.

Bokov beschrijft vervolgens hoe de ambities van de betrokken professoren en studenten een steeds groter bereik kregen: de ontwerpactiviteit ging letterlijk ‘van stoel tot stad’. Ze beschrijft echter ook de vele twisten binnen de school tussen rationalisten als Ladofsky, constructivisten als Tatlin of de nog steeds aanwezige traditionalisten.

Het boek is echter ook een echte eye-opener door de meer dan duizend historische documenten die Bokov wist bij elkaar te halen uit de archieven die na de sluiting van de Werkplaats over de hele wereld verspreid raakten. Ze zijn afgedrukt in hoge kwaliteit. Je bent werkelijk dagen bezig om het allemaal zelfs maar vluchtig te bekijken. Het is het equivalent van een mega-overzichtstentoonstelling. Daarmee zet Bokov plots een vergeten, maar uiterst belangrijke geschiedenis op de kaart. Dit is werkelijk een niet te missen publicatie.

‘Avant-Garde as Method. Vkhutemas and the Pedagogy of Space, 1920–1930’, Anna Bokov, met voorwoorden van Kenneth Frampton en Alexander Lavrentiev, Park Books, Zürich, 2020. Hardcover, 624 p. ISBN 978-3-03860-134-0. Richtprijs 58 €.

Lees ook

Schrijf je in op onze nieuwsbrief
  • Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.