Gepubliceerd op 08.04.2021 | Tekst: Pieter T'Jonck

In 2019 waren de publicaties over de 100e verjaardag van de stichting van het Bauhaus niet op één hand te tellen. Die gooiden vaak alles op een hoop. De Werkbund, Walter Gropius of Ludwig Mies van der Rohe: allemaal één pot nat, ondanks scherpe tegenstellingen in visie, methode en output. Een aantal publicaties corrigeerde dat beeld gelukkig ook. Zo bijvoorbeeld ‘Ausgebootet: Mies van der Rohe und das Bauhaus 1933’, een recente en uitmuntende studie van Fritz Neumeyer over de laatste maanden van het Bauhaus in Berlijn.

Van het vooroorlogse oeuvre van Mies van de Rohe in Duitsland blijft weinig over. Zes grote villa’s nabij Potsdam zoals Haus Riehl, stammen bovendien uit de tijd voor Mies zijn eigen stem vond. Daarnaast zijn er de villa’s Esters en Lange in Krefeld, de overbekende  Weissenhofsiedlung In Stuttgart en de sociale woningen in Wedding, Berlijn.

Aan de rand van Berlijn, aan de Oberseestrasse 60, tref je ook een alleraardigste, bescheiden woning in baksteen. Mies ontwierp ze voor Karl Lemke. Sinds enige jaren is het Mies van der Rohe Haus hier gevestigd. Het organiseert kleine maar fijne tentoonstellingen die van ver of dichtbij te maken hebben met de erfenis van Mies.

Het huis geeft daarnaast ook een ‘Schriftenreihe’ uit. In die reeks verscheen de studie van Neumeyer. Mies -tot dan een zeer koele minnaar van de instelling- volgde in 1930 Hannes Meyer op als directeur van het Bauhaus. Hij liet er meteen een nieuwe, minder links-doctrinaire wind waaien. Toch verjaagde het gemeentebestuur het Bauhaus in de zomer van 1932. Mies trok met de school naar Berlijn, maar ook daar sloten de nazi’s de gebouwen in april 1933.

De studie van Neumeyer gaat over de drie maanden die daarop volgden. Mies probeerde toen tevergeefs de toelating te bekomen om de school te heropenen. Ondertussen zette hij zijn onderwijs voor een kleine schare trouwe leerlingen voort onder de vorm van uitstappen met boot of trein. Lily Reich was daarbij meestal ook van de partij.

Uit getuigenissen over die uitstappen leer je dat Mies geen moderne architectuur bezocht, maar studenten confronteerde met Schloss Paretz (1797-1798) van David Gilly en het Charlottenhof (ca. 1830) van Karl Friedrich Schinkel. Later, toen het Bauhaus definitief opgeheven was, trok Mies ook nog een zomer lang met studenten naar  Ticino (CH) en Noord-Italië. Ondertussen broedde hij op zijn vertrek naar de USA, want het werd steeds duidelijker dat hij in Duitsland geen toekomst meer had.

Het is geen geheim dat Mies een lage dunk had van zijn voorgangers in het Bauhaus. Gropius verweet hij bijvoorbeeld ‘formalisme’. Mies’ fascinatie voor Schinkel is evenmin een geheim. Neumeyers levendige verslag van deze korte periode biedt echter een helder inzicht in Mies’ denkwereld. Je krijgt zelfs een glimp van de mens achter de sfinx te zien. Het boek eindigt trouwens met een foto van Mies die in de zon een dutje doet op een stenen bank.

Het boek is zo levendig dat je het in één ruk uitleest. Tegelijk brengt Neumeyer een schat aan informatie samen die Mies situeren in zijn tijd en in de geschiedenis. Haast terloops zet het ook de puntjes op de i wat betreft de relatie van Mies tot het Bauhaus onder Gropius. Het is daarmee een echte aanrader, en dat niet alleen voor liefhebbers van het oeuvre van Mies.

Ausgebootet: Mies van der Rohe und das Bauhaus 1933
Outside the Bauhaus – Mies van der Rohe and Berlin in 1933
Fritz Neumeyer, Form + Zweck Verlag, Berlijn, 2021.
ISBN 978 3 947045 19 8.
Te bestellen via www.miesvanderrohehaus.de .
Prijs 20 €.

Lees ook

Schrijf je in op onze nieuwsbrief