Edito

Lisa De Visscher - Rédactrice en chef

In de donkere dagen tussen Sinterklaas en Valentijn is er één licht dat nooit uitgaat: dat van het winkelcentrum. In de over tien weken uitgesmeerde feestmaand worden liefde, vrede en verbondenheid toch het liefst verzilverd is zoveel mogelijk aankopen. Het succes hiervan verzekert de jaaromzet van het gros van de winkelaangelegenheden die, achter de vrolijke kerstverlichting, een verbeten concurrentiestrijd voeren om elke klant. Het ruimtelijk kader – of beter gezegd: de shopping experience – is een belangrijk wapen in die strijd, met een directe impact op de stad en de publieke ruimte tot gevolg.

Sinds de burgerij aan het begin van de 19de eeuw steeds meer macht en aanzien kreeg en dat ook in consumptie kon uitdrukken, ontstonden de eerste overdekte winkelgalerijen en later de grands magasins. De flaneur ruilde de chaotische drukte van de boulevard in voor de luxueuze geborgenheid van het winkelcentrum, en vervelde zo tot consument. De semipublieke ruimte werd een feit. Na de Tweede Wereldoorlog schoten, naar Amerikaans model, ook in Europa shoppingcenters als paddenstoelen uit de grond. Maar de consument is grillig en de concurrentie bikkelhard. Dat maakt dat de typologie van het shoppingcenter een wel erg beperkte houdbaarheidstermijn heeft. Een winkelcentrum zoals Gent Zuid blijkt 25 jaar na de oplevering een logge dinosaurus, een achterhaalde stedenbouwkundige miskleun. En dus wordt er naarstig bijgebouwd.

In elke zichzelf respecterende stad verrees de laatste jaren een belangrijk shoppingcenter: Médiacité in Luik, Rive Gauche in Charleroi, Docks en Neo in Brussel. Bestaande winkelcentra (The Mint, City 2, Gent Zuid) worden in een nieuw jasje gestopt. Het lunaparkgehalte van hun architectuur roept soms vragen op, maar de echte problematiek ligt in de relatie tussen shoppingcenter en publieke ruimte, zowel de fysieke verbinding als de mentale ruimte, the common of de gedeelde ruimte van de vrije burger. Shopping K in Kortrijk lijkt een geslaagd voorbeeld van kwalitatieve integratie van een winkelcentrum in het stedelijke weefsel. Een waardevol alternatief voor de introverte monoliet of zijn randstedelijke evenbeeld. Of is een winkelcentrum een paard van Troje dat je beter buiten de stadsmuren houdt? Een vijand van zowel de winkelstraat als de stad zelf?

Feit is dat de winkelstraat voor twee belangrijke uitdagingen staat: opboksen tegen de fysische aantrekkingskracht van het shoppingcenter én tegen de virtuele verleidingen van het onlineshoppen. Architectuur en materiaalgebruik, het oproepen van een bepaalde exclusieve sfeer en intelligent ruimtegebruik zijn daarbij belangrijke troeven. Ook de stad zelf blijft niet bij de pakken zitten. Vele winkelsteden ontwikkelen strategieën om hun levendige winkelkern te behouden. Organisaties zoals het gewestelijk handelsagentschap Atrium in Brussel zijn daar al jaren volop mee bezig. Steden zetten in op een beeldkwaliteitsplan voor de winkelsbuurt zoals in Oostende, op startende ondernemers of creatieve beroepen, met initiatieven als Creashop in Luik, Pop & C in Charleroi of MEST in Mechelen. Dat de herwaardering van de winkelstraat soms dreigt te ontsporen, bleek uit de wedstrijd die de Stad Brussel een aantal jaren geleden uitschreef voor de overdekking van de Nieuwstraat. Of hoe de winkelstraat het wint van het winkelcentrum door gewoon nog groter te worden – een shoppingmall.

Maar de echte schaalbreuk voltrekt zich onopgemerkt. De oppervlakte van een gemiddelde shoppingmall is klein bier vergeleken bij de schaal van de onlineshoppingdozen waarin de op het internet bestelde pakjes voorbereid worden. De arbeidswetgeving in België is voorlopig nog van dien aard dat onlineshoppingreuzen weinig interesse tonen in een vestiging in ons land. Maar zodra de wetgeving op nachtwerk versoepelt, komen ook bij ons honderdduizenden vierkante meters vrij voor mastodonten die een zware druk uitoefenen op de open ruimte en de mobiliteit. Fotograaf Maxime Delvaux waagde zich in deze parallelle wereld van bovenmenselijke schaal en legde de poëzie van hyperactiviteit en vervreemding vast. Of hoe Kerstmis toch vooral online wordt gevierd.

Prettige feestdagen!

Inhoudstafel

Edito Lisa De Visscher

In the picture

Too Big to Fail? Sven Sterken

Ecoshopping in de woestijn Jean-Marie Binst

Winkelen is (ook) architectuur beleven Aslı Çiçek

Homage to the Square Gerlinde Verhaeghe

Klein onderwerp Mathias Bouet

Zoom in

Minimalisme is de nieuwe fermette”

Interview met Bart Lens door Lisa De Visscher

Fundamenten

Shopping Towns Belgium Janina Gosseye & Tom Avermaete

De gijzeling van de openbare ruimte Gérald Ledent

De architectuur van de onlinewinkel Gitte Van den Bergh

Cry me a river Michael Bianchi

Uplace of Shopping K? Nee, bedankt Gideon Boie

Een gezellig dagje uit? Joep Gosen

Onbereikbaar maar zo dichtbij Pieter T’Jonck

Steden moeten uitgaan van hun eigen sterkte’ Laurent Vermeersch

De winkel is dood, lang leve de winkel Dieter Van Den Storm

Guest

Prijs voor het openbare bouwheerschap – 4de editie Charlotte Lheureux

Zoom out

De kunst van het tekenen Gitte Van den Bergh

De utopieën van Jean Englebert Pierre Lemaire

Gilles Perraudin, bouwer Charlotte Lheureux

Picardisch Wallonië in kaart gebracht Anne-Laure Iger

Student

Gautier Rey

Aaron Swartjes

Sylvie Cosyns

Abonneer je vanaf €59 per jaar!
Je ontvangt 4 klassieke nummers en 2 speciale uitgaves van het tijdschrift.

Abonnement

Lees ook

Schrijf je in op onze nieuwsbrief